‘Voetbal was mijn enige lichtpuntje’

Het daklozenvoetbalteam van het Leger des Heils voelt als een familie, ontdekte keepster Evelyn. En dat is fijn, want ze weet hoe eenzaam het leven op straat kan zijn. “Voorafgaand aan het WK voor daklozenteams voelde ik me even zó belangrijk, zo geweldig...”

Gepubliceerd: 14 februari 2020 in Geluk Tekst: Wilfred Hermans Beeld: Marleen Kuipers

Evelyn (29) woonde dertien jaar in Brazilië. Als klein meisje was ze daar een halfjaar dakloos, samen met haar moeder en broertje. Haar vader kent ze niet; hij liep weg toen hij hoorde dat Evelyn's moeder zwanger was. Bij toeval ontmoette haar moeder in Brazilië een Nederlandse zeekapitein, met wie ze hardliep. De twee werden verliefd en vertrokken samen naar Nederland. Drie jaar geleden zijn ze gescheiden en Evelyn’s moeder keerde terug naar Brazilië. “Je zoekt automatisch mensen op met een vergelijkbaar verleden. Zodoende kreeg ik veel vriendinnen die ook dakloos waren geweest, of bij het Leger des Heils onderdak hadden. Mijn beste vriendin werkt bij het Leger des Heils en zij vertelde mij over het daklozenvoetbalteam. ‘Echt iets voor jou’, zei ze, al was ik inmiddels niet meer dakloos en werkte ik in de boekhouding. Ik voetbalde een keer mee en voelde me meteen thuis. Waarom? Als je weinig geluk hebt gekend, kijk je anders naar het leven; het is moeilijk uit te leggen, maar omdat je als groepje anders bent dan de meeste anderen, voelt het al gauw als familie. We hoefden niet eens over ons verleden te beginnen, we voelden elkaar automatisch aan.”

Voetbal zit in mijn bloed

Ze voetbalt al haar hele leven: “Toen ik in Brazilië dakloos was, was voetbal mijn enige lichtpuntje. Als je honger had, ging je voetballen om jezelf maar bezig te houden en je problemen te vergeten. Daarbij: ik ben Braziliaans, dus voetbal zit in mijn bloed.” Des te opvallender dat Evelyn keepster is geworden in het daklozenelftal, maar daar heeft ze een goede reden voor. “Toen ik in Nederland een periode depressief was en stopte met sporten, kwam ik nogal aan. Ik dacht: met dit lichaam houd ik een uur rennen niet vol, dus ik ga wel op doel staan. Dat werd al gauw mijn plekje, perfect. We trainden veel en gingen uiteindelijk afgelopen jaar naar het WK in Cardiff, waar we als vierde eindigden. Ik wist wel dat we niet zouden winnen; we hebben vrouwen van veertig, vijftig jaar en een stevige meid zoals ik, terwijl er ook teams met topfitte jonge spelers waren. Ons belangrijkste doel was plezier maken, en dat is gelukt.”

Schreeuwen van blijdschap

Sinds ze bij het Leger des Heils voetbalt, merkt Evelyn pas echt wat sport met een mens doet. “Een balletje trappen kan écht veel positiefs bij iemand losmaken. Voorafgaand aan het WK voelde ik me even zó belangrijk, zo geweldig... Een dakloze is vaak eenzaam, maar nu waren we allemaal onderdeel van een team.”Als hoogtepunt van haar voetbalcarrière noemt Evelyn een prachtig moment van een medespeelster. “Ze voelde zich erg eenzaam, onzeker en zei nooit iets; iedereen genoot, behalve zij, tot ze in de allerlaatste WK-wedstrijd opeens scoorde. Toen rende ze schreeuwend van blijdschap naar me toe en ging helemaal los! Dat was mijn hoogtepuntje, iemand die zo klein is opeens zien exploderen... Voor de eerste keer zag ik een blik van blijdschap in haar ogen. Geweldig om te zien.”