Tien liter bier en drie flessen wijn per dag

Zijn eerste wodka dronk hij toen hij elf was. Arnoud Faber (59) raakte zwaar verslaafd. Hij verloor er zijn huis door, zijn vriendin en zijn kind. Maar nu is hij afgekickt. 'Ik snap niet hoe ik zestien jaar onder een brug heb kunnen slapen.’

Gepubliceerd: 23 juni 2017 in Leven Tekst: Rinke Verkerk Beeld: Iris Dorine

Tien liter bier en drie flessen wijn per dag

Zijn eerste wodka dronk hij toen hij elf was. Arnoud Faber (59) raakte zwaar verslaafd. Hij verloor er zijn huis door, zijn vriendin en zijn kind. Maar nu is hij afgekickt. 'Ik snap niet hoe ik zestien jaar onder een brug heb kunnen slapen.’

Gepubliceerd: 23 juni 2017 in Leven Tekst: Rinke Verkerk Beeld: Iris Dorine

"Mijn vader had een kast met wodka en potten valium. Hij had tijdens de oorlog gevochten in Indonesië. Daar praatte hij nooit over, maar hij raakte zwaar aan de drank. Hij nam ons mee op mooie vakanties, en iedere zondag gingen we naar Wijk aan Zee. Maar voor de rest had ik nooit contact met hem. Als hij thuiskwam uit zijn werk begon hij met wodka-jus. Tijdens het eten zat hij al te knikkebollen. Na het eten lag hij met wodka voor de televisie en viel in slaap. Wij probeerden dan weleens stiekem een film op te zetten, maar dan werd hij wakker. Mijn moeder heeft toen voor alle kinderen een tweedehands teeveetje gekocht, voor op onze slaapkamer."

Dromen

"Ik was een heel gevoelig kind; nerveus, als ik iemand zag vallen, draaide mijn maag al om. Ik hield van dromen en gezelligheid. Van wodka en valium en de hasjies van mijn broer werd ik zo lekker relaxt. Ik begon eraan toe ik elf was. Mijn vrienden kwamen bij ons thuis om lekker muziek te luisteren en hasj te roken. Dat was gezellig. Ik begon met harddrugs toen ik op mijn tweeëntwintigste door een motorongeluk in de ww belandde."

"Mijn vriendin was ook zwaar verslaafd. Ze was een knappe, intelligente vrouw die op me af stapte en vroeg of ik cocaïne voor haar kon regelen."

‘Ik snap niet hoe ik zestien jaar onder een brug onder de A10 heb kunnen slapen’

"Daar moet je niet aan beginnen, zei ik. ‘Dan haal ik het wel ergens anders,’ zei zij. Maar ik vond haar leuk, dus dat wilde ik niet. Zo leerde ik haar kennen."

Koffie?

"We woonden in Zaandam. Ik dronk tien liter bier en drie flessen wijn per dag. Als we probeerden af te kicken, stonden de dealers binnen no-time weer aan de voordeur. Dus verhuisden we naar Friesland. Ik nodigde graag mijn buren uit, en zij hielden van drank. Het begon dan met: ‘Hé, buurman, koffie?’ We eindigden altijd lam."

"We vertrokken naar Alkmaar. Daar liep het echt uit de klauwen. Ik zat vaak vast, voor stelen enzo. Ik nam regelmatig een overdosis. Als ik zonder drank in een groep stond, had ik geen zelfvertrouwen meer. Kroop ik helemaal ik mijn schulp, kon ik niemand zien. Dan nam ik een paar slokjes en dan was ik er weer."

"Mijn vriendin werd zwanger. Als je omgerekend 60.000 euro schuld hebt en zwaar verslaafd bent, kun je beter geen kind opvoeden, denk ik. We hebben het weg laten halen. Dat achtervolgt me nog weleens, ja. Na tien jaar moesten mijn vriendin en ik kiezen: samen doodgaan of los van elkaar léven. Ik ben weggegaan."

"Ik kickte af in een kliniek. Toen ik in 1994 buitenkwam, waren mijn ouders overleden en wilden mijn broer en zus me niet meer zien. Dus ging ik zwerven. Iedere ochtend om acht uur bier halen en daarna vuurspuwen of muziek maken. Dat heb ik zestien jaar gedaan. Totdat er hepatitis C bij me werd ontdekt. Twee vrouwen van de Jellinekkliniek zeiden: ‘Kick dan af! Jij bent geen gozer om je leven te verwoesten op straat.’ Ik zei: Dan wil ik eerst van die ziekte af. Als ik toch doodga, sterf ik liever aan de drank. Dan heb ik nog lol."

Gitaar

"Via Google ontdekte ik dat er een nieuw medicijn was tegen hepatitis C. Ik heb aangeklopt bij een kliniek van het Leger, in Baarn: ‘Ik wil dat wel proberen.’ Een week later begon mijn kuur. Ze vonden dat ik in de tussentijd de huismeester wel kon helpen, omdat ik technisch handig ben. Zo begon ik met werken. Dat geeft me zelfvertrouwen. Ik ga met mensen om. Ik vind het leuk om hen te helpen, weet je.

Met mijn zuster krijg ik weer wat contact. Zij is muzikant. Laatst vertelde ze dat ze een nieuwe gitaar nodig had. Een akoestische. En dat ze wat oude spullen moest verkopen om hem te betalen. Ik zei: ‘Nou, wacht maar even.’ Meteen mijn budgetbeheerder gebeld: ‘Zou ik die gitaar niet kunnen kopen voor haar?’ Ik heb de gitaar voor haar gekocht. Ze was helemaal blij.

Ik merk dat ik ouder word, minder energie heb. Ik zei laatst tegen mijn collega: ‘We moeten samen naar de sportschool!’ Mensen thuis uitnodigen doe ik ook. Dat vind ik spannend, want dan heb ik de angst dat het te gezellig wordt en dat er drank op tafel komt. Maar ik doe nu gewoon een biertje mee. Eén, of twee. En dan stop ik."