’We hebben een platform nodig, geen bankje achterin’

Als ‘survivor’ van mensenhandel weet de Ugandese Malaika als geen ander hoe lastig het is om in Nederland van slachtoffer naar succesverhaal te groeien. Haar kennis en ervaring zijn onmisbaar bij het bestrijden van een internationale gruwelijke werkelijkheid.

Gepubliceerd: 17 oktober 2018 in Recht Tekst: Willemijn de Jong Beeld: Mona van den Berg

’We hebben een platform nodig, geen bankje achterin’

Als ‘survivor’ van mensenhandel weet de Ugandese Malaika als geen ander hoe lastig het is om in Nederland van slachtoffer naar succesverhaal te groeien. Haar kennis en ervaring zijn onmisbaar bij het bestrijden van een internationale gruwelijke werkelijkheid.

Gepubliceerd: 17 oktober 2018 in Recht Tekst: Willemijn de Jong Beeld: Mona van den Berg

Malaika (33) spreekt uit ervaring als het gaat om haar kennisgebied. Ze werkt namens het inter­nationale Leger des Heils vier, soms vijf dagen per week als lobbyist in Brussel bij de Europese Unie, waar ze lobbyt voor vrouwenrechten en pleit­ bezorger is voor de juiste bestrijding van mensenhandel. Want er is veel mis met de huidige aanpak, zegt zij. Het feit dat ze daar met twee masterdiploma’s op zak mooie dingen bereikt, is des te unieker als je beseft dat ze nog maar twaalf jaar geleden als tiener vanuit Uganda naar Nederland werd verhandeld. ‘Deze maatschappij denkt dat vrouwen in de prostitutie een keus hebben, maar nadat ik zelf onder vrouwen in de prostitutie heb gewerkt, kan ik zeggen: ze zitten er allemaal in vast zonder een uitweg te zien. Veel mensen kunnen zich dat niet voor­stellen. Juist doordat ik zelf slachtoffer ben geweest van mensenhandel, weet ik hoe moeilijk het is om uit zo’n situatie te komen. Het is mij gelukt. Ondanks, en niet dankzíj de Nederlandse regering.’

Eigen schuld

Malaika vindt het vooral belangrijk om aan te stippen hoe verkeerd er in Europa wordt omgegaan met slachtoffers van mensenhandel die illegaal in een land als Nederland belanden. ‘Dat is soms op een heel subtiel niveau. Er heerst nog altijd de gedachte dat het misschien ook een beetje aan de vrouw zelf lag. Had ze niet een heel kort rokje aan? En zijn Afrikaanse vrouw­en niet gewoon heel makkelijk met seks? Maar als ik mijn eigen verhaal als voor­beeld neem: ik werd door mijn mensenhandelaar gemanipuleerd met de belofte dat ik in Nederland naar school zou kunnen. Dat was niet mogelijk in Uganda; door de oorlog lag het hele onderwijs plat. Dit soort mannen weet precies waarmee ze minderjarige tieners kunnen misleiden. In Nederland bleek er van school geen sprake. Vrouwen worden vanaf aankomst in Nederland fulltime verkracht. Denk maar niet dat die graag in Nederland wil­llen blijven. Het enige wat zij zien zijn de mannen die hen hier misbruiken.’

Maar die verkeerde focus is volgens Malaika vaak ook heel concreet en tastbaar. ‘Dat je verblijfsvergunning is verbonden aan het feit of je handelaar wordt gepakt of niet, zegt genoeg. Het gaat de overheid nog te veel om het bestrijden van criminelen in plaats van het beschermen van slachtoffers. Ik geloof dat die focus moet veranderen. De eerste prioriteit van de wetgeving moet zijn om slachtoffers te beschermen en survivors van hen te maken.'

"Het gaat de overheid nog te veel om het bestrijden van criminelen in plaats van het beschermen van slachtoffers."

Bewijzen

Zelf is Malaika acht jaar ongedocumen­teerd in Nederland gebleven, omdat haar mensenhandelaar niet kon worden gevon­den en veroordeeld. ‘Als je er eindelijk achterkomt dat wat je wordt aangedaan wel degelijk strafbaar is in Nederland, en je de moed vindt om te ontsnappen, heb je het adres van je handelaar niet op een briefje bij je. Deze mensensmokkelaars kennen hun rechten veel beter dan jij. Je moet als slachtoffer bewijzen dat je slachtoffer bent, dat blijkt ook uit hoe de politie omgaat met je aangifte. Ze probe­ren op een verkeerde manier informatie uit je te halen. De ondervragingstechnie­ken zijn heel agressief. Zo moeten vrou­wen bijvoorbeeld heel gedetailleerd hun verkrachtingen omschrijven en hoe de mannen er uitzien die het hen aandoen. Hoe beeldender je verhaal is, hoe serieu­zer je word genomen. Ik begrijp wel dat dat soort informatie helpt met boeven vangen, maar men onderschat hoe trau­matisch dat is voor een vrouw. Dit soort kwetsbare factoren moeten meegenomen worden in de wetgeving.’

In de praktijk komt het echter vaak niet eens tot het doen van aangifte. ‘De Nederlandse overheid heeft een blinde vlek wat betreft de culturele achtergrond van Afrikaanse slachtoffers. Terwijl handelaren die cultuur juist misbruiken om de vrouwen volledig in hun macht te houden. Dat gebeurt bijvoorbeeld doordat er voodoo­contracten worden afgesloten met de meisjes. Je gelooft dat je familie zal sterven, doordat er een vloek in werk­ing treedt als je dat contract breekt. In Nederland nemen ze dat soort contracten niet serieus, terwijl het een grote drem­pel vormt voor Afrikaanse vrouwen om aangifte te durven doen.’

"Hoe beeldender je verhaal is, hoe serieuzer je word genomen."

Je verhaal gebruiken
Malaika is uiteindelijk met veel hulp van verschillende organisaties uit de handen van haar handelaar gebleven, heeft twee universitaire masters gehaald en is moeder geworden van een dochter. Dat ze zo ver is gekomen, is niet bepaald exemplarisch voor ongedocumenteerde vrouwen die uit de mensenhandel komen. Volgens Malaika komt dat doordat deze groep stelselmatig als slachtfer wordt benaderd. ‘Weet je wat er veel gebeurt met vrouwen die slachtoffer zijn van mensen­handel? Organisaties staan, met goede bedoelingen, in de rij om je verhaal te ge­bruiken. Het verhaal is belangrijk, maar je eigen verhaal doen – keer op keer – wordt uiteindelijk een vorm van onbewuste uit­ buiting. Want als ik ergens moest spreken, en herbeleven wat me is aangedaan, dan huilden mensen wel, maar niemand vroeg me: wat kan ik voor jou doen? Ik groeide nooit van het vertellen van mijn verhaal. Ik kwam daarna leeg en moe thuis, zonder geld voor eten en zonder zekerheid of ik morgen nog wel in Nederland mocht zijn. Dat gaat nog vaak mis in de omgang met slachtoffers. Ze blijven kwetsbaar. Het Leger des Heils gaat anders met mij om. Ze zien meer in mij dan alleen een storyteller. Ze zien me als holistisch mens met dromen en ambities. Survivors als ik hebben een platform nodig in plaats van een bankje achterin. Dat maakt mensen zelfverzekerd en hoopvol. Die inclusivi­teit laat mensen meer zijn dan alleen het onrecht dat hen is aangedaan.’

Mentor
Dat haar mentor Ineke van Buren (zie link hierboven) een stabiele factor vormde en er altijd voor haar was, is volgens Malaika een onmisbare factor geweest. ’Maar wat ik desondanks miste was een voorbeeld van een vrouw die hetzelfde als ik had meegemaakt, en een survivor was geworden. Veel vrouwen die onder hun mensenhandelaar uitkomen, blijven bijvoorbeeld in de prostitutie. Ze zien geen mogelijkheid voor zichzelf om meer te worden dan dat. Daarvoor heb je ook heel veel steun nodig. En in de periode dat je als ongedocumenteerd slachtoffer het meeste hulp nodig hebt, sta je er in de praktijk vaak alleen voor. Je hebt name­lijk helemaal geen rechten. Dat probeer ik nu te veranderen. Door zelf een mentor te zijn voor vrouwen die in een vergelijkbare situatie zitten. En om hen te laten zien dat het kán. ‘Eens een hoer, altijd een hoer’ is bijvoorbeeld een leugen. Ik gebruik mijn ervaring, en groei van wat er met me ge­beurd is naar iets wat ik kan doen aan het systeem. Want vrouwen die slachtoffer zijn van mensenhandel, zijn zoveel meer dan alléén hun verhaal.’