Rouwen om een baby die niet kwam

Eén op de vier vrouwen krijgt in haar leven een miskraam. De blijdschap om een zwangerschap slaat ineens om in teleurstelling en verdriet. Drie vrouwen vertellen openhartig hoe zij hun miskramen hebben beleefd.

Gepubliceerd: 01 februari 2019 in Leven Tekst: Willemijn de Jong Beeld: Daisy Ranoe

Gerteke en haar man Jos waren vier keer in blijde verwachting, maar toen toch niet. Tijdens haar vierde miskraam schreef de journaliste er een artikel over, omdat ze merkte dat het krijgen van een miskraam veel verdriet geeft, maar het lastig blijkt om er open over te praten. Als zoveel vrouwen een miskraam krijgen - dat wil zeggen, vóór de twintigste week overlijdt het vruchtje of blijkt het vruchtzakje leeg -, waarom hoor je er dan zo weinig over?

Hoe mooi het krijgen van een baby is, zo verdrietig is het verliezen daarvan. Zelfs als er alleen nog maar een idee bestaat van dat kindje. “Mijn eerste miskraam gebeurde bij mijn eerste zwangerschap. Ik verloor het kindje in de badkamer, goed zichtbaar met vruchtzakje en al. Ik had me nooit voorgesteld hoe zoiets eruit zou zien en hoe het zou voelen. Het werd een soort mini-bevalling en deed ontzettend pijn. Naast de lichamelijke pijn, voelde ik iets dat heel nieuw voor me was. Eerst hadden we alleen nog maar de verwachting van een kindje, maar toen ik de miskraam kreeg, werd dat kindje heel reëel. Ik wilde ervoor zorgen, het beschermen. Míjn lieve, kleine kindje. En dat was me niet gelukt.”

Wat deed je met dat nieuwe verdriet? “Ik voelde heel veel dat ik niet kon plaatsen. Ik ben toen gaan zoeken op internet. Daar vond ik Manu Keirse; hij schrijft over miskramen en is goed in het verwoorden van het verdriet. Een miskraam voelt groot, maar ook te klein om heel erg erkend te worden.” 

Hoe was je man eronder? “Hij was natuurlijk ook heel verdrietig. Maar toch is dat anders. Jos zei tegen me: jij voélt de verandering in je lichaam. Hij was elke miskraam verdrietig dat we toch geen baby kregen, maar heeft niet die hormonen en de bijbehorende beschermingsdrang. En als vrouw krijg je toch het gevoel dat jij iets niet goed hebt gedaan. Dat er in jouw lichaam iets niet klopt.”

Voel je je dan schuldig? “Nee, dat niet. Ik weet dat ik kan er niks aan kan doen, dat ik geen invloed heb op het krijgen van een miskraam. Maar in mijn hoofd gaat het soms wel van ‘ja Gert, je drinkt te veel cola’ en ‘had je maar meer moeten sporten’. Het is onzin, want er zijn vrouwen die roken en drinken en een baby krijgen. Ik heb geen enorm gevoel dat ik faal, maar die gedachten poppen soms toch op.”

Duurde het lang na je eerste miskraam voor je weer zwanger was? “Ik was vrij snel na mijn eerste miskraam weer zwanger van onze dochter. Je zou denken dat een gezonde, levende baby het verdriet van die miskraam weg zou nemen. Maar zo werkt dat niet helemaal. Natuurlijk dacht ik weleens: als ik die miskraam niet had gehad, had ik ook mijn dochtertje niet gehad. Maar het zien van dat kleine kindje bij die miskraam, dat kan geen ander kind vervangen. Dat blijft voor altijd mijn arme, verloren baby.”

Gerteke en Jos hebben nu een dochter van twee. “Pas als je moeder wordt, merk je hoe groot dat is. Het krijgen van een kind is zoiets ‘oers’. Je ziet een letterlijke vermenging van jezelf en je man rondlopen. Er is niets dat zo dichtbij komt, zo deel van je is. Sinds ik een kind heb, heb ik ook een bepaalde gevoeligheid die ik eerder niet had. Een beschermingsdrang voor alles dat kwetsbaar is. Ik kan bijvoorbeeld ook veel slechter tegen dierenleed.”

Na de geboorte van hun dochter duurde het lang voor Gerteke weer zwanger was én bleef. “We hadden een enorm verlangen naar een broertje of zusje voor onze dochter en dan gebeurt het maar niet. Dat vonden we heel lastig. Elke keer die spanning rondom de datum dat je ongesteld hoort te worden. Ik deed elke cyclus erg mijn best om niet te hopen. Maar ik was toch aan het checken of ik niet misselijk was. Als ik dan ongesteld werd, kon ik om hele kleine dingetjes al gaan huilen. Ik werd bang dat het nooit meer zou lukken, dat ik gewoon geen placenta aan kon maken, ofzo. Dan hielp het als een vriendin van mij, die verloskundige is, zei: bij je dochter lukte het toch ook?"

Toch weer zwanger

Inmiddels is Gerteke elf weken zwanger. Na onze dochter heb ik nog drie miskramen gehad. Dat heeft wel invloed op hoe ik deze zwangerschap ervaar. De eerste weken voelde ik geen blijdschap, alleen maar angst en spanning. Uit bescherming liet ik de blijdschap totaal niet toe - ik deed voor mezelf een beetje alsof ik ziek was of een tijdelijke aandoening had. Toen de eerste echo goed was, voelde ik wel wat hoop, maar ik ging er nog steeds niet vanuit dat er echt een kindje zou komen. Pas bij de tweede goede echo durfde ik de blijdschap toe te laten. We praten nu heel af en toe over dat we het kamertje dus wel moeten gaan klaarmaken in de toekomst, bijvoorbeeld. Maar nog steeds is er angst en twijfel en kan ik niet wachten om over twee weken weer een echo te hebben. Weken die wel een eeuwigheid lijken te duren."

De miskramen na de geboorte van hun dochter waren niet zo heftig als de eerste miskraam. “Ze waren ook wel naar, maar vooral omdat de blijde verwachting de kop in werd gedrukt. Het maakt je te bang om te gaan fantaseren als je ongesteldheid uitblijft, of om namen te gaan bedenken. Zulke gevoelens druk je toch de kop in.”

Veel vrouwen vinden het lastig om over hun miskraam te praten. Hoe komt dat, denk jij? “Het was bij mij niet zo dat ik er niet over durfde te praten, maar ik had wel zo’n gevoel van: ze zien me aankomen. Je wilt een ander er niet mee belasten. Ik geef les op een middelbare school en daar werd onlangs tijdens de weekopening gebeden voor een collega die een miskraam had gekregen. Toen dacht ik: Oh, wat had ik dat fijn gevonden. Het probleem is volgens mij dat het voor veel vrouwen te klein voelt om er aandacht voor te vragen.”

“Nu ik al een kind heb, ben ik bang dat mensen het overdreven vinden. Mensen zeiden weleens dat het dan maar fijn was dat ik al een gezond kind heb. Dan lijkt het toch een soort luxeprobleem. Alsof je een vakantie hebt gepland, maar dat die toch niet doorging. Een soort grote vorm van teleurstelling. Terwijl mijn wens voor een baby tijdens mijn laatste miskramen veel groter was. Zeker in deze tijd waarin we gewend zijn dat je van alles kunt plannen, lijken we er onbeholpener mee te zijn. Het krijgen van een kind kun je niet zomaar ‘fixen’. Het verwerken van een miskraam is ook gewoon intens. 11 december was het vier jaar geleden dat ik mijn eerste miskraam kreeg. Ik moest er nog steeds om huilen.”

Zou het helpen als er meer openheid is over het verdriet van een miskraam? “Er zijn ontzettend veel vrouwen die dit meemaken. Hoe meer ik het deelde met andere vrouwen, hoe meer ik van hen hoorde dat ze het ook hadden meegemaakt. De barrière om erover te praten valt dan helemaal weg, en dat vind ik wel fijn. Ik vond het ook geruststellend om te horen dat andere vrouwen na hun miskramen kindjes hebben gekregen. Je leest en hoort toch dat je meer kans heb op een miskraam als je al een miskraam gehad hebt. Ook als je wat ouder bent, is de kans groter. Het blijft afwachten…”

Wat is de fijnste reactie van anderen op een miskraam? “Als ik het aan iemand vertelde en diegene reageerde met ‘oh wat heftig’, vond ik dat toch wel fijn. Dat geeft erkenning voor wat het is. Of een geïnteresseerde vraag als ‘oh joh, wanneer dan?’ en ‘herstel je een beetje?’ is fijn. Mensen vergeten snel dat je moet herstellen van de hormonen, ontzwangeren. Dat is lichamelijk ook pittig. Als je het lastig vindt om er iets over te zeggen tegen een vrouw die net een miskraam heeft gehad, zou ik een kaartje sturen. Laten weten dat je voor iemand bidt. En let erop dat je open vragen stelt. Iedereen ervaart een miskraam weer anders. Dan kun je daarop inspelen.”

Maar wat bijzonder dat je nu weer zwanger bent…“Ja, hè! Wat mijn miskramen betreft, vind ik het heel troostend om te geloven dat God deze mensjes in Zijn handen houdt. Ook als ik mijn baby'tjes niet kon beschermen. Als dit goed blijft gaan, kijk ik denk ik wel anders tegen de miskramen aan. Meer als hobbels die we moesten nemen voordat we dit kindje kregen. Toch gaat het je niet in de koude kleren zitten. Ik vind mezelf vaak gespannen of bozig, zonder aanleiding. Zou dat hiermee te maken hebben? Ik weet het niet, maar ik vermoed van wel. Ik probeer verder te leven alsof er niets gebeurd is, maar niks kan dit natuurlijk ongedaan maken."