Je bent wél baas in je brein

Professor André Aleman is een bekende neurowetenschapper, met een aantal boektitels op zijn naam over ons brein. Volgens hem zijn wij niet ons brein, maar kunnen we bewust kiezen hoe we ons gedragen.

Gepubliceerd: 03 januari 2019 in Geloven Tekst: Willemijn de Jong Beeld: Madame Forêt

Je bent wél baas in je brein

Professor André Aleman is een bekende neurowetenschapper, met een aantal boektitels op zijn naam over ons brein. Volgens hem zijn wij niet ons brein, maar kunnen we bewust kiezen hoe we ons gedragen.

Gepubliceerd: 03 januari 2019 in Geloven Tekst: Willemijn de Jong Beeld: Madame Forêt

André stelt in zijn laatste boek 'Je brein de baas' dat we veel meer controle hebben over ons brein dan populaire neurowetenschappers ons de laatste jaren hebben voorgehouden. Dick Swaab is zo’n wetenschapper die schrijft dat we ons brein zijn, en dat de meeste van onze beslissingen onbewust gebeuren. Voor vrije wil is er dan weinig ruimte. Aleman zet daar tegenover dat de meeste keuzes die we maken wel degelijk met bewuste besluiten te maken hebben, en onze vrije wil soms groter is dan we denken.

Wat bedoelt u precies met het ‘bewustzijn’ en dat we dat kunnen sturen? “Een mens kan zich bewust zijn van zijn intenties. Je beseft wat je wilt of gaat doen. Ons is lang verteld dat veel van ons gedrag wordt aangestuurd door onbewuste processen in onze hersenen. Een belangrijk onderzoek voor die bewering is het onderzoek dat Neuroloog Benjamin Libet deed in de jaren ’70. Hij liet proefpersonen op een knopje drukken en kon meten in het brein hoe lang daarvoor hersenactiviteit optrad. Lang verhaal kort: dat de hersenen de beweging al in gang zetten voordat de mensen bewust besloten op een knopje te drukken, betekende volgens Libet dat ze er niet echt zelf voor kozen. Het onbewuste deel van hun hersenen had al gekozen.”

Waarom klopt dat niet volgens u? “Het is de vraag in hoeverre dat experiment over de vrije wil gaat. De mensen die meededen met dat onderzoek komen daar, tekenden een overeenkomst dat ze meedoen, en geven daarmee al toestemming aan hun brein voor wat er daarna gaat gebeuren. Als je dan gevraagd wordt om af en toe op een knop te drukken, heb je bewust besloten daar aan mee te doen en wordt de verdere praktische uitvoering inderdaad overgelaten aan onbewuste processen. Het klopt wel dat we tot tussen de 90 en 99% van wat ons brein doet geen toegang hebben, geen bewust besef. Maar dat wil niet zeggen dat het deel van ons brein dat bewust is, niets in de melk te brokkelen heeft. Ik ga ervanuit dat 5% van ons brein bewust is. Een groot schip heeft weliswaar een klein roer, maar dat roer bepaalt wel de koers.” 

Hoe kun je dan wél bewuste keuzes maken? "Ik zal je een voorbeeld geven. De eerste keer dat ik mijn fietsroute van mijn huis naar mijn werk bepaalde, koos ik de kortste route. Inmiddels fiets ik dat stuk dagelijks op de automatische piloot. Dat is een heel mooi, noodzakelijk systeem. Maar als ik op een dag besluit die route te veranderen, moet ik wel weer bewust een ingreep plegen. Daar zijn wij prima toe in staat. Als je een slechte gewoonte wilt afleren, helpt mindfulness daar goed bij. In januari wil je bijvoorbeeld stoppen met roken, gezonder eten of meer sporten. Dat zijn dingen die niet zomaar veranderen. In mijn boek laat ik allerlei manieren zien om dat nieuwe gedrag aan te leren. Als je net bent gestopt met roken, kan mindfullness je door de moeilijke momenten heenhelpen. Dingen als in het moment zijn, bewust zijn van je eigen gewaarwordingen, leren concentreren. Dat helpt ook heel goed met het doorbreken van negatieve gedachtepatronen. Het malen dat bij een depressie hoort bijvoorbeeld. In het oosten noemen ze mindfulness ook gewoon geesttrainingen. In de christelijke kloostertraditie noem je het contemplatie. Dat wordt al eeuwen toegepast om je aandacht te richten, baas te zijn over je brein.”

U bent zowel wetenschapper als overtuigd christen. Hoe belangrijk is het voor u als christen, om zich zo te verdiepen in de werking van ons brein? “Ik zie geen verband tussen mijn geloof en de keuze voor mijn werk, ik had ook best hovenier kunnen worden. Maar door wat ik bestudeer, merk ik wel dat mijn verwondering voor Gods macht en majesteit groeit. Onze hersenen zijn het summum van complexiteit. We zijn veel ingenieuzer gemaakt dan we ooit zullen kunnen bevatten. Als wetenschapper wil ik dat heel graag verder ontrafelen.”

"Ik heb wel goede redenen om te geloven, maar dat zijn geen wetenschappelijke, in de zin van tastbaar bewijs. De wetenschap gaat niet over immateriële zaken en vertelt ons het doel van het leven niet."

Maar wetenschap wordt wel vaak tegenover religie geplaatst. "De vraag is: zie je de wetenschap als een verklaring voor alles, of beperkt zich dat tot de natuurlijke, materiële werkelijkheid? De wetenschap is geen aparte manier om de werkelijkheid te begrijpen, het ligt in het verlengde van dingen uittesten en rationeel denken, wat we in het dagelijks leven ook doen. In de wetenschap doe je systematisch metingen waarbij we ons gezonde verstand gebruiken om daar conclusies aan te verbinden. En dat is heel effectief om de natuurlijke wereld om ons heen te begrijpen. Ik heb wel goede redenen om te geloven, maar dat zijn geen wetenschappelijke, in de zin van tastbaar bewijs. De wetenschap gaat niet over immateriële zaken en vertelt ons het doel van het leven niet.” 

"Overigens waren de grondleggers van de wetenschap devote christenen. Ik vind het een vreemde gedachte dat wetenschap niet bij het geloof zou passen. Voetius was één van de eerste hoogleraren van de Universiteit van Utrecht, maar was ook een gereformeerde predikant. Ook bij andere klassieke universiteiten en zelfs de Amerikaanse Harvard University gingen geloof en wetenschap prima samen bij de grondleggers."

Kun je geloof eigenlijk terugvinden in het brein? "Alles wat je ervaart is terug te vinden in de hersenen. Maar dat wil niet zeggen dat het een product van jouw brein is. Dat is een stap te ver voor mij. De oorsprong van die activiteit kan aan iets buiten jezelf liggen: zoals hersenactiviteit wanneer je naar iemand luistert die op een piano speelt."

"Ik snap heus wel dat wetenschappers het frustrerend vinden dat God niet is de bewijzen. Maar er is ook geen bewijs dat God er niet is. Sommige dingen kun je kiezen. Ik denk dat geloof iets is dat God in jou bewerkt. De vraag is of je er voor openstaat. Je gaat bijvoorbeeld naar de kerk, leest in de Bijbel. Maar er is iets onmeetbaars dat ervoor zorgt of je wel of niet gaat geloven. De Deense filosoof Søren Kierkegaard vergelijkt het geloof dan ook met verliefdheid. Ik las eens van iemand die in een winkelcentrum koffie aan het drinken was in Amerika, waar hij een gesprek hoorde tussen een jongen en een meisje dat hem net had afgewezen. De jongen probeerde het meisje niettemin uit te leggen waarom hij een goede romantische partner zou zijn. Iedereen begrijpt: dat is geen kwestie van overtuigen. Er moet een vonk zijn. In de hersenen zie je bij het geloof dezelfde stofjes oplichten als bij verliefheid. Dat ontdekte Doctor Beauregard tijdens een hersenonderzoek bij nonnen."

Hoe zit dat dan met mensen die de hemel zien als ze een bijna-dood-ervaring hebben door een hartstilstand? "Onderdelen van zo'n ervaring zijn terug te vinden in het laboratorium. Wetenschappers denken daarom dat het een verklaarbaar verschijnsel is vanwege veranderingen in de hersenen. F16-piloten raken bijvoorbeeld door grote krachtvelden ook weleens buiten bewustzijn. Zij zien dan dezelfde lichttunnel als mensen met een bijna-dood-ervaring. Daar komt bij dat er stofjes, endorfines, aangemaakt worden door het brein in zo'n levensbedreigende situatie. Ook al is er nog veel te onderzoeken, op basis van deze gegevens denk ik niet dat de lichttunnel die mensen zien, echt de hemel is waar een christen in gelooft. Maar niemand kan ontkennen dat zulke ervaringen wel levensveranderend kunnen zijn. Daarin mogen ze ook heel serieus worden genomen."