Broeders voor het leven

Ze houden elkaar graag een spiegel voor, kunnen discussiëren over diepere zaken in het leven. Ze hebben dezelfde passies maar komen uit een ander nest. Bertus Kuipers (rechts, 74) en Henk Schut (78) zijn 44 jaar vrienden en zien uit naar een toekomst delend in lief en leed.

Gepubliceerd: 22 mei 2018 in Geluk Tekst: Danique Groen Beeld: Wendy Bos

Juiste noot

Ze kenden elkaar van gezicht, maar leerden elkaar pas echt goed kennen in 1974 toen Bertus lid van het Amsterdam Stafmuziekkorps van het Leger des Heils werd. Henk: “We reisden veel met de band en hadden dan de meest intensieve gesprekken. We letten op elkaar, corrigeerden elkaar en moedigden elkaar aan. Bertus: “Niet iedereen in de band noemde ik een vriend. Maar Henk en ik hadden direct een klik.”

Henk: “Je komt in die 44 jaar problemen tegen in je leven, in welke omstandigheden dan ook en daar hebben wij altijd samen over kunnen praten. Aan Bertus heb ik een goede raadgever.” Bertus luistert stil en aandachtig naar de woorden van Henk. Henk: “Bertus kan goed analyseren, ik denk dat het komt door zijn werk als docent. Daar had ik veel aan en daardoor nam ik vaak de juiste beslissing. Ja, daar ben ik Bertus altijd dankbaar voor, ook al weet hij dat misschien niet. Bertus glimlacht en vult Henk aan. Bertus: “Twee weten gewoon meer dan één.”

Warm nest

Bertus komt uit een arbeidersgezin. Bertus: “Een paar huizen naast ons woonde de familie Torny, een bekende naam in Almelo. De vader van het gezin nodigde mij uit eens mee te gaan naar de zondagschool van het Leger des Heils.” Bertus citeert in Twents dialect hoe de buurman dat precies zei. Hij ging een keer mee en bleef er hangen. Bertus: “Vanaf mijn elfde ging ik op mijn fietsje naar het Leger.” Hij zat bij de padvinders en speelde van zijn dertiende tot zijn 22ste in muziekkorps Almelo. “Ik heb bij het Leger mijn hartje aan de lieve Heer gegeven, zoals dat vroeger werd genoemd. Prachtige herinneringen waar ik met veel respect aan terugdenk.” Henk is ‘geboren’ in het Leger des Heils, korps Zutphen, en ging daar nooit weg. Henk: “Voor mij was het vanzelfsprekend naar het Leger te gaan en ik heb nooit anders gedaan.”

Henk: “Vanaf 1960 speelde ik in het Stafmuziekkorps en ik deed dat 34 jaar lang.” Bertus vindt het onvoorstelbaar: “Wat een tijd. Ik hield het niet zo lang vol.” Henk: “Nee Bertus, maar ik had het voordeel van mijn werk. Ik kon mijn diensten zelf plannen en zo genoeg tijd met mijn gezin doorbrengen.” Bertus: “Dat klopt. Ik werkte als docent scheikunde en het was hard werken om het niveau van het muziekkorps bij te benen. We waren ook vaak weg.” Henk: “Ik heb een engel van een vrouw die het gezin draaiende hield. Ik kreeg een medaille van de koningin voor mijn werk bij het muziekkorps, maar ik vind dat mijn vrouw die moest krijgen voor haar inspanningen in ons gezin." Bertus, lachend: “Dat was jouw oeuvreprijs, Henk”.

De vriendschap tussen Bertus en Henk ontvouwt zich als Bertus uit de band stapt. Henk: “We zeiden tegen elkaar dat we contact moesten houden en zo gebeurde. Gelukkig klikt het tussen onze vrouwen ook goed.” Bertus: “Onze vriendschap is een proces van jaren. Je voelt aan of je elkaar begrijpt en of je aandacht voor elkaar hebt en dat bleef altijd.”

Verschillen

Ze kijken met plezier terug op hun drukke levens. Bertus: “Ik heb tot dit moment een geweldig leven gehad. Ik werd twee keer ernstig ziek, maar gelukkig werd ik beter. Redenen genoeg te genieten met volle teugen. Tevredenheid met de dingen maakt het leven mooi. De concerten die wij gaven en de reizen naar het buitenland met de band zijn mooie herinneringen. Het gaat om de kleine dingen in het leven waar je van moet genieten.” Henk: “We hebben een heel mooie tijd gehad en we genieten nog steeds.”

God is goed, goed is God. Als een vriendschap goed is, is dat iets goddelijks

Het geheim van hun jarenlange vriendschap heeft volgens hen ook te maken met die verschillen. Bertus: “We hebben andere invalshoeken. Ik kom uit een ander gezin dan Henk. Ik maakte armoede mee en dat zijn omstandigheden die mij maken tot wie ik nu ben." Henk: “We respecteren elkaars advies altijd. We zijn anders, kunnen elkaar aanvullen en we begrijpen elkaar omdat we zijn opgegroeid in het Leger. Bertus: “Dat ik opgroeide in het Leger maakt mij dankbaar, dat gevoel gaat nooit meer weg. Henk: “Het gevoel voor het Leger draag ik voor altijd met mij mee. Ik beleef en leer zoveel, dat neemt niemand mij meer af.”

Goed is God

Vriendschap noemt Bertus goddelijk. Bertus: “Dat bedoel ik zo: God is goed, goed is God. Als een vriendschap goed is, is dat iets goddelijks.” Henk knikt instemmend. Bertus: “Als ik terugkijk op mijn leven, dan denk ik dat veel dingen onder goddelijke leiding gebeuren.” Henk: “Daar sluit ik mij direct bij aan. Onze vriendschap is daar onderdeel van.” Bertus: “Daar ben ik van overtuigd. Ik heb alleen zussen, maar Henk is als een broer voor mij. Natuurlijk is een familieband anders dan een vriendschap, maar zo voelt het echt. We weten dat onze verhalen veilig zijn bij de ander en dat is van ongekende waarde. We delen op afstand, en soms dichtbij, lief en leed met elkaar. Bepaalde mensen komen op je pad.”  

Als de twee over vriendschap praten, vergeten ze hun gezamenlijke vriend Jo niet, die vier jaar geleden onverwachts overleed. Bertus: “Het was een geweldige vent.” Henk: “We waren eerst met z’n zessen bevriend, onze vrouwen kunnen het ook goed met elkaar vinden. We hebben nog altijd contact met de vrouw van Jo en gaan nog geregeld met z’n vieren naar haar toe. Bertus: “Het is altijd fijn samen te zijn, als we praten of als er stilte is.”

Waarden

Henk vindt het lastig gevoelens onder woorden te brengen, Bertus gaat dat makkelijker af. Henk: “Ik geef uiting aan mijn geloof en gevoel door middel van muziek." Bertus: “Ik ken Henk daarin. Als wij samen over dingen praten, dan komt hij los.” Ze praten samen over religie, bestuderen het jodendom en spelen graag euphonium, een koperen blaasinstrument.

Bertus: “Als vrienden bewandelen wij een stuk levensweg met elkaar. Wij bevragen elkaar over belangrijke dingen in het leven. Dat doen wij vaak hè, Henk.” Henk: “Zeker. We zijn kritisch op en eerlijk tegen elkaar.” Bertus: “We zijn elkaars spiegel. Zo zei ik een tijd geleden tegen Henk: ‘Jij hoeft echt niet twee uur per dag te oefenen, één uur is genoeg.” Henk lacht: “Dat zette mij aan het denken. Het was niet makkelijk dat los te laten. Ik moet van een principe af, maar ik deed het.” Buiten dat is Henk wel een verstandige man, hoor”, grapt Bertus. Henk: “We nemen dingen makkelijk van elkaar aan.” De vrouw van Henk, Mieke, is erbij komen zitten. Mieke: “Ik ben heel blij dat Bertus zoiets gewoon tegen Henk zegt. Naar mij of de kinderen luistert hij niet zo goed als naar Bertus.”

Mieke: “Deze mannen zijn de David en Jonathan van nu.” Op de gezichten van de heren verschijnt een glimlach. Ze doelt op de bijzondere vriendschap tussen David en Jonathan die je kunt lezen in Bijbelboek 1 Samuël en 2 Samuël.

Bertus: “De verhalen over vriendschap in de Bijbel, zoals Jezus en zijn discipelen, helpen mij het begrip vriendschap te plaatsen en het geeft mij de mogelijkheid aan zo’n abstract begrip woorden te geven.” Henk knikt. “Het is lastig te beschrijven wat vriendschap betekent.” Toch lukte het ze. Bertus en Henk hebben het op papier gezet. Bertus: “Ik heb er veertien dagen over nagedacht wat de vriendschap met Henk voor mij betekent, maar ik vond de juiste woorden.” Hij vouwt zijn papier open. Bertus: “Vriendschap is de hoogste vorm van samen verkeren in het leven tussen mensen die geen familie zijn. Dat allemaal op basis van respect, liefde, gelijkwaardigheid, loyaliteit en zorg. Het is gelukbrengend en wordt bevorderd door gemeenschappelijke aandachtsgebieden zoals muziek en religie. Mooi, hè.” Henk: “Onze vriendschap staat voor mij voor liefde, zorgzaamheid, passie, verantwoordelijkheid, bescheidenheid, trouw en kritisch zijn. Je geeft niet alleen, maar neemt ook.”

Bertus: “Vriendschap is bijzonder en voor ieder mens belangrijk, denk ik.” Henk: “Onze vriendschap verrijkt mij. Bertus: “De vriendschap die ik heb met Henk, die wens ik iedereen toe.”