Al een half leven beste vriendinnetjes

“Ze zijn er!” Bo rent naar de voordeur en spiekt door de kier naar buiten. De brede glimlach van Emma verschijnt en het giebelen begint. Emma (8) en Bo (8) zijn al de helft van hun leven vriendinnen en willen dat voor de rest van hun leven blijven.

Gepubliceerd: 10 april 2018 in Geluk Tekst: Danique Groen Beeld: Wendy Bos

Zien jullie elkaar vaak?

Emma: “We woonden eerst allebei in Almere, twee straten bij elkaar vandaan. We speelden veel samen. Toen hoorde ik van haar moeder dat ze over één jaar gingen verhuizen.” Inmiddels woont Bo al een tijdje in het nieuwe huis in het Gelderse Putten en dit is de tweede keer dat Emma op bezoek is. Bo: “Dat we zouden gaan verhuizen, vond ik wel leuk. Dan krijg je nieuwe vriendinnetjes en een nieuwe kamer. Maar ook minder leuk, want dat moest ik heel veel dingen gaan missen, zoals Emma.”

Emma: “Ik dacht dat het niet zo leuk zou worden omdat ze misschien een heel klein kamertje zou krijgen. En dat is nu dus ook zo. Toen moest de muur eruit zodat haar kamer een klein beetje groter zou worden. Bo: “Mijn kamer is wel kleiner. Maar daar spelen we niet, daar slapen we alleen maar. We spelen heel vaak buiten en soms zit ik er te kletsen met vriendinnetjes." “Ze hebben een heel grote tuin”, fluistert Emma.

Wat doen jullie het liefste samen?

Bo: “Buitenspelen bij ons thuis!” Emma: “Buitenspelen vinden we leuk. Ik doe dan kunstjes op het klimrek. En we hebben een keer met z’n allen voetje-van-de-vloer en tikkertje gedaan. Met onze moeders, zusje en broertje. Dat was heel leuk. Bo: “Of we kijken bij de geiten. Maar die zijn soms wel vervelend hoor. Toen ze hier kwamen, waren ze heel lief en klein. Nu zijn ze heel groot.”

Hoe lang zijn jullie al vriendinnen?

Bo: “Toen we voor het eerst naar school gingen, werden we vriendinnetjes.” Met behulp van de vingers wordt een korte berekening gedaan. “Al vier jaar dus. Best lang.” Emma: “In de pauze speelden we altijd samen. Toen riepen de andere kinderen dat wij de beste vriendinnetjes zijn.” Ze moeten allebei gniffelen als ze eraan terugdenken.

Hebben jullie leuke herinneringen samen?

“Ja”, klinkt het in koor. Emma: “Bij mijn laatste kinderfeestje kreeg ik van Bo een heel leuk knuffelpoesje en een fotolijstje met een foto van ons in de klas.” Bo: “Voor het verhuizen kreeg ik op mijn afscheidsfeestje een doos met allemaal herinneringen en fotootjes. Dus als ik ze mis, Emma of andere vriendinnetjes, dan kijk ik daar nog weleens naar. Emma: “Ik moet er soms nog weleens om huilen. Ik mis Bo echt supererg.”

Wat is er zo leuk aan Emma?

“Ze komt naar mij toe en wil altijd met mij spelen. En vroeger toen we nog bij elkaar op school zaten en de jongens pakkertje deden, kwam Emma voor me op en zei ze: 'Ga weg, ze vindt het niet leuk.'"

Wat is er zo leuk aan Bo?

“We zijn allebei grappig en ondeugend en we lachen veel. Thuis ben ik weleens boos hoor, maar met Bo nooit.”

Blijven jullie voor altijd vriendinnen?

“Ja.” Een grote lach verschijnt op beide gezichtjes. Emma: “Als we later allebei nog geen man hebben, gaan we samenwonen." Bo: “Ja, in dit huis.” Emma: “Met een hond.” Bo: “Ik ben nu nog wel een beetje bang voor honden, maar dan misschien niet meer.”